OMGAAN MET ANDEREN

PERSOONLIJKE GRENZEN

Nagenoeg iedereen weet waar zijn persoonlijke grenzen liggen. Je weet waar ze beginnen en waar ze eindigen. Zo kan je ook de persoonlijke grenzen voelen van een ander.


Maar als je ASS-er bent ligt de situatie iets anders. Iemand die te maken heeft met klassiek autisme (of als je heel erg in zichzelf gekeerd bent) kent dat gevoel niet. Je leeft maar binnen een klein deel van je persoonlijke grenzen en mogelijkheden. Een ander kan je maar met moeite bereiken.
Maar er zijn ook ASS-ers die geen grenzen kennen en voelen. Je bent als het ware onbegrensd. Je neemt steeds meer en meer van de persoonlijke ruimte van een ander.

De ander voelt zich niet meer prettig, als het ware in een hoek gedreven. De ander wil meer bewegingsvrijheid en snakt naar adem. Het gevolg is dat de ander jou bij zich wegduwt.

En laat daarbij maar weinig ruimte over voor jou. Gevolg hiervan is dat je niet weet wat er is gebeurt en waarom. Je voelt zich alleen en niet begrepen, want die situatie is ineens niet meer prettig en veilig. Je wilt dat veilige gevoel terug en veroverd langzaam zijn terrein weer terug en jullie raken in een visuele cirkel.

DOELSTELLING

Om uit deze visuele cirkel te komen moet je beseffen dat iedereen zijn eigen persoonlijke ruimte heeft en nodig heeft.
Het is daarbij best toegestaan om even de lijn van de ander te doorkruisen maar daarna neem je weer je eigen persoonlijke ruimte in. Of je kunt – in overleg met de ander - een overlappings gebied creëren waarin het veilig en vertrouwd is om samen te zijn.
Ieder behoud zijn eigen ruimte waarin je je kunt terug trekken als je daar de behoefte voor voelt. Dit geldt voor alle partijen.

Voor de omgang met vreemde mensen gelden natuurlijk weer andere regels... dan is het fijn te weten dat je persoonlijke grenzen hebt die een ander niet mag overtreden. Tot zo ver en niet verder!