PERSOONLIJKE GRENZEN

NORMALE SITUATIE
Een kind dat “normaal” in het leven staat, weet waar zijn persoonlijke grenzen liggen. Hij weet waar ze beginnen en waar ze eindigen. Zo weet een kind ook waar de persoonlijke grenzen liggen van een ander.
GRENZEN VAN EEN AUTISTISCH KIND
In tegenstelling tot een “normaal” kind heeft een kind met klassiek autisme (of een kind dat heel erg in zichzelf gekeerd is) dat gevoel niet. Hij leeft maar in een klein deel van zijn persoonlijke grenzen en mogelijkheden. Tussen ouder en kind bevindt zich een gat. Als ouder kan je zo’n kind maar met veel moeite bereiken.
Maar er zijn ook kinderen die geen grenzen kennen en voelen. Deze kinderen zijn als het ware onbegrensd. Ze nemen steeds meer en meer van je persoonlijke ruimte.
In deze situatie voelt je je als ouder niet meer prettig. Je voelt je als het ware in een hoek gedreven. De aanwezigheid van je kind kan je op zo’n moment gaan irriteren. Zo erg zelfs dat je het kind bij je weg duwt. Je snakt naar adem en bewegingsvrijheid.
Daarbij duw je je kind zover bij je vandaan om voor jezelf meer ruimte te creëeren dat je daarbij maar weinig ruimte overlaat voor het kind. Gevolg hiervan is dat je kind niet weet wat er is gebeurt en waarom. Het voelt zich alleen, want die situatie is ineens niet meer prettig en veilig. Je kind wil zijn veilige gevoel terug en veroverd langzaam zijn terrein weer terug en jullie raken in een visuele cirkel.
DOELSTELLING
Om uit deze visuele cirkel te komen kan je uitleggen dat iedereen zijn eigen persoonlijke ruimte heeft en nodig heeft. Ook het kind zelf.
Het is daarbij best toegestaan om even de lijn van de ander te doorkruisen voor een stevige knuffel of een stoeipartijtje maar daarna neem je weer je eigen persoonlijke ruimte in.
Of creëer een overlappings gebied tussen beide partijen waarin het veilig en vertrouwd is om samen te zijn.
Ieder behoud zijn eigen ruimte waarin je je kunt terug trekken als je daar de behoefte voor voelt. Dit geldt zowel voor de ouder als voor het kind.
Deze situatie geldt natuurlijk voor alle gevallen. Dus ook bij broertjes, zusjes en overige familieleden zelfs tussen je kind en vriendjes.
Voor de omgang met vreemde mensen gelden natuurlijk weer andere regels... dan is het fijn te weten dat je persoonlijke grenzen hebt die een ander niet mag overtreden. Tot zo ver en niet verder!
TIP
Als ouder ben je vaak geneigd om alles voor je kind te doen en voor hem/haar over te hebben en dat is heel begrijpelijk. Je kind heeft je per slot van rekening nodig. Maar blijf ook die dingen doen waarvan je zelf houd. Dingen waar je energie van krijgt. Want als de ouder zich goed voelt, voelt het kind zich automatisch ook goed. Met deze tip waag ik me op het ongrijpbare gebied wat betreft energie/gevoelens overdracht tussen mensen maar het is er wel degelijk.